Nieuws over de beroepsbinnenvisserij

Het nieuws is bijgehouden tot 1 januari 2016

netVISwerk: Vissen naar draagkracht van het water

Sinds 2016 verzorgt netVISwerk de belangenbehartiging van de beroepsbinnenvissers. De CvB is met haar werkzaamheden gestopt.
De nieuwe vereniging zet zich in voor een betere toekomst voor de beroepsmatige binnenvisserij en kleine kustvisserij in Nederland.

Lees alle informatie op de website van netVISwerk: www.netviswerk.nlwww.netviswerk.nl

15 juli 2015

Aanpassing van gebruik beroepsvistuigen officieel in werking

De aanpassing van de 'Uitvoeringsregeling visserij' is gepubliceerd in de Staatscourant van 3 juli 2015, en is daarmee officieel in werking getreden. De aanpassing betreft met name beperking van het aantal personen dat beroepsvistuigen op de binnenwateren mag gebruiken. Verder worden de administratieve lasten voor beroepsvissers verlicht.


Staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken had de Tweede Kamer al in januari geïnformeerd over deze wijziging. Zie het nieuwsbericht: Aanscherping regeling gebruik beroepsvistuigen
Aanleiding was een evaluatie van de regeling in 2013 in consultatie met de betrokken sectororganisaties. Zie het nieuwsbericht: Staatssecretaris Dijksma pakt knelpunten regeling beroepsvistuigen aan

De oude regeling

Sinds 1 mei 2008 gelden op de Nederlandse binnenwateren beperkingen voor het gebruik van grote (beroeps)vistuigen. Zo wil de staatssecretaris intensieve bevissing terugdringen. De regels voor deze beperkingen zijn opgenomen in de 'Uitvoeringsregeling visserij'. De regeling bepaalt wie wel en niet mogen vissen met beroepsvistuigen zoals visfuik, aalfuik, ankerkuil, aalkistje, aalhoekwant, aaldogger, zegen, aalzegen, aaskuil, staand net, gebbe, kruisnet en electrovisapparaat.

beroepsbinnenvissers op het Markiezaatsmeer

Volgens de regeling wordt gebruik van de betreffende vistuigen alleen toegestaan aan vissers die beschikken over minimaal 250 hectare viswater, en die met die wateren bruto jaarinkomsten verwerven van ten minste € 8500 (artikel 55 van de Uitvoeringsregeling). Het gebruik wordt ook toegestaan aan mensen die vissen in loondienst van de visrechthebbende of de toestemminghouder, mits deze een rechtspersoon is.

De visser moet eens in de vier jaar met een accountantsverklaring aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarden. Degene die vist moet rechthebbende op het visrecht, huurder van het visrecht dan wel houder van een toestemming zijn.

Aanvullende eisen

Bij de evaluatie in 2013 bleek dat op een aantal plaatsen 'hobbyvissers' die niet aan de voorwaarden voldoen, toch beroepsvistuigen mochten gebruiken. Ze brachten hun werk namelijk onder in een rechtspersoon die wél voldeed aan de voorwaarden van de regeling.

Het gebruik van beroepsvistuigen daalde daardoor minder dan bedoeld. Dijksma probeert dit te repareren via de belangrijkste aanpassing van de Uitvoeringsregeling: een aanvullende eis voor het gebruik van beroepsvistuigen.

Volgens het nieuwe artikel 57a wordt het volgende van kracht:

  • Namens visserijbedrijven of coöperaties (rechtspersonen) mogen ten hoogste drie natuurlijke personen vissen met beroepsvistuigen.
  • Voor elke 83 hectare die zij naast de minimaal vereiste 250 hectare beschikken, mag daar een natuurlijke persoon (visser) aan worden toegevoegd.
  • Het betreffende visserijbedrijf of coöperatie dient daarvoor bij het ministerie opgave te doen van de namen van de personen die per kwartaal van dat jaar mogen vissen. Een wijziging van de opgegeven personen is alleen mogelijk in gevallen dat iemand onverwacht is komen te overlijden of plotseling ernstig ziek is geworden.
    De opgave dient schriftelijk te worden gedaan, bij voorkeur in de elektronische vorm, naar het e-mail adres Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.. Voor de niet-elektronische opgaven geldt het volgende postadres: Postbus 20401, t.a.v. Team Uitvoering Visserijregelingen, 2500 EK te Den Haag.
    Dit deel van de regeling gaat in per 1 januari 2017.

Minder administratieve lasten

Uit de evaluatie in 2013 bleek ook dat de benodigde accountantsverklaring hoge administratieve lasten voor de beroepsvissers veroorzaakt. Dijksma wil die lasten terugdringen via een andere belangrijke wijziging: de aanpassing van artikelen 55 en 56.

Volgens deze aanpassing mag nu ook een groep van ten minste tien visserijbedrijven een gezamenlijk accountantsrapport laten opstellen. In dat geval worden de gegevens gecontroleerd van ten minste 25 procent van de personen die een melding doen. Een dergelijk rapport dient eens in de drie jaar te worden ingeleverd bij het ministerie van Economische Zaken.


Download Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 30 juni 2015, nr. WJZ / 14156864, tot wijziging van de Uitvoeringsregeling visserij naar aanleiding van de evaluatie van de regels voor de beperking van het gebruik van grote vistuigen

 

Nieuws DUPAN

In de Stichting Duurzame Palingsector Nederland (DUPAN) werken palingvissers, viskwekers en palingverwerkers samen.

Bekijk NIEUWSBERICHTEN VIA DUPANNIEUWSBERICHTEN VIA DUPAN
over duurzaam herstel van de aalstand.