netVISwerk: Vissen naar draagkracht van het water

Sinds 2016 verzorgt netVISwerk de belangenbehartiging van de beroepsbinnenvissers. De CvB is met haar werkzaamheden gestopt.
De nieuwe vereniging zet zich in voor een betere toekomst voor de beroepsmatige binnenvisserij en kleine kustvisserij in Nederland.

Lees alle informatie op de website van netVISwerk: www.netviswerk.nlwww.netviswerk.nl

Zeelt

zeelt

De zeelt (Tinca tinca) behoort tot de karperachtigen en kan tot ca 70 cm lang worden. In Nederland is de zeelt vaak de dominante vissoort in wateren waar door de uitbundige plantengroei 's nachts en 's ochtends zuurstofgebrek kan ontstaan. Ook in andere wateren kan de zeelt talrijk zijn.

De oorspronkelijke Nederlandse zeeltvariëteit heeft een donker mosgroene kleur, maar in het verleden zijn ook lichtere, bronskleurige zeelten uitgezet. De zeelt is goed herkenbaar aan de rode iris in zijn oog, de bolle vinnen, de nauwelijks ingesneden staartvin en de baarddraden. De vis heeft een dikke slijmerige huid met zeer kleine schubben.

Mannetjes zijn goed te herkennen aan de grotere buikvinnen. Deze reiken tot voorbij de anus en hebben ook een sterk verdikte eerste vinstraal.


Zeelt trekt profijt van uitbundige plantengroei

Zeelten leven over het algemeen in flink begroeide, stilstaande of langzaam stromende wateren met een zachte modderige bodem. Overdag verschuilen ze zich meestal passief in de vegetatie. Als de zeelt voedsel zoekt, zuigt hij bodemmateriaal op, waaruit de eetbare diertjes worden uitgefilterd. Of hij zuigt diertjes van de vegetatie af.

In mei en juni wordt bij watertemperaturen van 18 tot 20°C gepaaid. Hierbij is een flinke onderwatervegetatie essentieel. Een vrouwtje kan 300.000 tot 800.000 eieren afzetten.

In de winter houdt hij een winterslaap. Ook periodes met een laag zuurstofgehalte overleeft de zeelt door zijn stofwisseling op een laag pitje te zetten.

Het rigoureus verwijderen van alle waterplanten, met name in het voorjaar, is funest voor de zeeltstand. Deze schoningen kunnen beter gespreid worden in plaats en tijd, zodat verdreven zeelten dichtbij weer beschutting van de vegetatie kunnen opzoeken. De zeeltstand profiteert ook van natuurlijke oevers.

Vroeger hield men vaak enkele zeelten in een regenbak voor het verzamelen van drinkwater. Dit om het water zuiver te houden.


aalscholver eet zeelt

Deze aalscholver probeert een zeelt naar binnen te krijgen. Na een tijdje geeft hij het op en laat de zeelt over aan de kraaien.

Vangst

Beroepsvissers mogen zeelt vangen als ze in het bezit zijn van het schubvisrecht, of als ze een huurovereenkomst hebben voor aal en zeelt tezamen. Er geldt een minimummaat voor de gevangen zeelt van 25 cm (Visserijwet).

De gevangen zeelt wordt deels aan hengelsportverenigingen verkocht. De rest wordt verkocht aan het buitenland (ter consumptie).


Verse zeelt

Het beste seizoen om zeelt te eten is de zomer. Zeelt schijnt gerookt of gebakken een zoetige smaak te hebben. In Nederland wordt zeelt echter nauwelijks gegeten.


Naar recepten met zeelt

Naar lijst verkoopadressen verse zeelt

 



Met dank aan visserijbedrijf Timmerman (GM 57) uit Genemuiden voor gebruik van de foto's.

De doktersvis

In de Middeleeuwen gold de zeelt als een vis waar een heilzame werking van uitging. Tinca medicinalis zou een probaat middel zijn tegen allerhande klachten, zoals hoofdpijn, galstenen, ingewandwormen, jicht, geelzucht, oorontsteking. Bij hoge koorts diende een in de lengte doorgesneden zeelt op pols en voeten te worden gelegd. Bij hepatitis was het voorschrift een levende zeelt op de lever te leggen. Het slikken van de gal van de zeelt zou helpen tegen ingewandwormen.

Misschien schuilt er iets van waarheid in het middeleeuws geloof in de geneeskrachtige werking van de zeelt. De zeelt heeft in ieder geval iets van doen met hygiëne. Er bestaat een oud gebruik om regentonnen te laten bewonen door een zeelt. De vis zuivert het water van diertjes en ongerechtigheden.

Bovendien kennen we tegenwoordig deze tijd nog een toepassing van de zeelt als 'dokersvis': voorkomen van zwemmersjeuk. Bekend is dat de poelslak (Lymnea stagnalis) als tussengastheer optreedt bij het overbrengen van een parasiet die zwemmers een irriterende huiduitslag kan bezorgen. Een goede zeeltstand helpt om het aantal slakken in een water binnen de perken te houden, en zo de kans op deze 'zwemmersjeuk' te verminderen.


Bron: OVB-bericht 1992-4

Zeelt op je bord

zeelt

De initiatieven Stadskeuken Rotterdam en Beter(W)Eten proberen lokale producten weer op het etensbord te krijgen. Men ging langs bij Aart van der Waal, beroepsvisser in de Hoekse Waard. Kok Michiel Pat bereidde op smakelijke wijze de door Art gevangen voorntjes en zeelt. Bekijk op YouTube het filmverslag Rotterdamse vis Rotterdamse vis (duur: 5 minuten)